vrijdag 10 november 2017

Bij het afscheid van de onderwijzeres van 't Jongensschool

Op vrijdag 10 november namen we gelovig afscheid van 'Mevrouw' Celine Tambeur, de eerste vrouwelijke leerkracht van 't Jongensschool in Tielt. De Onze-Lieve-Vrouwkerk op de berg liep helemaal vol om de onderwijzeres die meer dan 1000 jongens van onze gemeente leerde lezen en schrijven, te eren.

De diaken sprak volgende homilie uit:

Homilie Celine Tambeur vrijdag 10 november 2017

Eerste lezing: Een sterke vrouw Spreuken 31,10-31
Evangelie: Een kind in het midden Mc 9,30-37


Beste familie, vrienden, broeders en zusters,

We zijn hier samen om gelovig afscheid te nemen van een lieve moeder en oma, en zoals ze ook omschreven is in de aanhef van de rouwbrief een sterke vrouw. Het boek der Spreuken waaruit we in de eerste lezing ;hebben voorgelezen zingt de lof van zo’n sterke vrouw. We kunnen het beeld dat deze lezing schetst bijna zo op het leven leggen van Celine.

“Voor het hart van haar familie is zij een veilige haven”, zegt het boek. De kinderen hebben dat ook zo ervaren. Celine was een vrouw die met veel vertrouwen, geloof en een open geest haar kinderen opvoedde. Ze konden uitvaren, hun eigen wegen gaan, spelend opgroeien, gaan voetballen, studeren zoals ze wilden en daarna weer naar huis terugkeren.

“Haar geest is wakker en gericht naar de toekomst”; dat geldt zeker ook voor Celine die haar taak als onderwijzeres in de jongensschool van Tielt vervulde op een wijze die toen nog niet zo gangbaar was. Geen lijfstraffen bij Celine,  integendeel zij onderwees met een groot plichtsbesef en met veel geduld en liefde. Haar pedagogie was vooruitstrevend.

“Ze heeft oog voor de behoeftigen en laat de minbedeelden niet in de steek”. Haar eigen zonen zaten bij haar in de klas, maar ze bevestigden me dat ze daar geen voordeel uithaalden. Neen, geen enkel kind werd hoger gezet dan een ander. Celine had een groot rechtvaardigheidsgevoel en haar aandacht en hulp ging zeer zeker naar de zwakke kinderen.

Daarom zijn haar kinderen zoals het boek zegt fier op haar. Dat ervoer ik ook in het gesprek. Natuurlijk is er droefheid om het heengaan van een moeder en een oma, maar ik hoorde ook veel dankbaarheid en vreugde om het rijke leven en het gezin waarin ze opgegroeid zijn. Ze spraken met veel bewondering en eerbied over hun moeder en over de oma die ze was voor de kleinkinderen.  Een sterke, dappere vrouw die haar man veel te vroeg verloor en dat gezin verder leidde en daarbij veel van zichzelf gaf opdat de anderen gelukkig zouden worden. Celine heeft geen grote reizen gedaan en ze vond niet eens zo erg. Thuis was ze gelukkig.

In het Evangelie lezen we hoe Jezus een kind centraal zet en het is niet moeilijk om daarin ook een parallel te zien met Celine. Ze heeft niet alleen elk jaar het mirakel verwezenlijkt om de leerlingen te leren rekenen en lezen; ze heeft de ongeveer 1000 jongens van Tielt ook voorbereid op de eerste communie. Jezus zegt hier dat als we in het Koninkrijk van God willen komen dat we dan een beetje zoals kind naar het grote mysterie moeten kijken: open, onbevangen, vertrouwend en gelovend. En door een kind centraal te stellen, zei Jezus meteen ook dat zij die niet meetellen in de wereld, de kleinen, de uitgeslotenen, de armen dat die voor ons het allerbelangrijkste zouden moeten zijn, dat naar hen onze grootste aandacht zou moeten gaan.


Wel beste familie, kinderen en kleinkinderen, het verhaal dat ik over jullie mama en oma gehoord hebt, vertelde me dat ook zij op die wijze naar de wereld en naar God keek. Ik denk dus dat we met vertrouwen kunnen geloven dat voor haar de poorten naar het paradijs openstaan en dat ze voortaan deel kan hebben aan het eeuwige  geluk en de liefde, opnieuw verenigd met haar man Clement en met allen die haar dierbaar waren. En we kunnen deze ervaringen uit haar leven ook meenemen naar ons eigen leven, namelijk wanneer we open, onbevangen, met de ogen van een kind en zonder vooroordelen kijken naar dat grote mysterie, dat wij christenen God noemen, dat we dan ook vandaag als jonge mensen van Hem kunnen houden en zijn levensweg kunnen volgen.